![]() |
Laatste nieuws
Informatiecentrum Utrecht
In memoriam Adrie Dik
Uitvaartplechtigheid en condoleance-register
Overlijden bestuurslid Adrie Dik
Uitnodiging 27 mei 2012
Uitnodiging Kunstmoment Gouda
Fietsen in Spanje
Geen informatie meer op maandagmiddag!
Muziek bij "Het geheim van de Schelp"
Afsluiting jubileumjaar
|
Praktische spiritualiteit: stap voor stap
![]() Welkom Het is echt bijzonder om hier als herbergier voor zoveel pelgrims te mogen spreken. Binnenkort begint voor ons het nieuwe seizoen en dan zijn de rollen omgedraaid. Dan staan juist de verhalen van de pelgrims weer centraal. Maar nu dus eerst een verhaal van een herbergier, over “praktische spiritualiteit”. Over reizen, pelgrimeren. Het voorbereiden van dit verhaal was voor mij ook een spannende reis. Toen ik van de organisatoren van deze prachtige dag hoorde, dat velen erop intekenden, was het mij duidelijk dat ik er niet onderuit zou kunnen, als ik dat al zou willen. Ik dank u dus oprecht voor dat duwtje in mijn rug. Terugblik
Maar op pad gaan, betekent: veranderen. Onderweg ben ik mij geleidelijk pelgrim gaan voelen. Ook die herberg kwam er dus, na onze tweede pelgrimstocht: de Vía de la Plata, in april 2002. Kort daarvoor had ik mijn baan als leidinggevende bij de overheid opgezegd. We besloten het moment te benutten om samen op pelgrimspad te gaan. “Kun je eens goed nadenken”, zei Huberta vóóraf. En, meer voor de grap: “Misschien wil je wel iets heel anders gaan doen..”. Onderweg viel het muntje. En ruim één jaar later ontvingen we de eerste pelgrims. En dan spiritualiteit. Waarom meewarig? Omdat ik “spiritualiteit” toen vooral verbond met: wollige praat, vrijblijvendheid. En ik me daar, eerlijk gezegd, nog wel eens op betrap. Dat zegt ook veel over mijzelf. Ik ben nu eenmaal een doener. Voor mij bleek de pelgrimstocht als weg naar buiten, dan ook op het lijf geschreven. De pelgrimstocht als weg naar binnen is een stuk lastiger te maken. Het gaat dan om: bewust op pad zijn met je eigen leven. Mijn eerste tocht naar Santiago is daarvoor zeker het begin geweest, of op zijn minst: een nieuw begin. Het is voor mij nog steeds de meest bijzondere reis van mijn leven. Waarom? Dat is lastig te verwoorden, juist omdat het erom ging om mijn eigen weg te gaan. Als je als toerist reist, is dat makkelijker. Je hoeft maar te zeggen: “Ik ben in Parijs geweest”, en iedereen heeft daar wel een beeld bij: de Eifeltoren en het Louvre, croissants en boulevards. Wat betekent “spiritualiteit” eigenlijk? Voor mij: bewust je eigen weg willen gaan, steeds opnieuw. Met volle aandacht. Open voor de ander en het Andere. Dat zijn ook meteen de drie elementen die ik als kapstok voor mijn verhaal gebruik: ik, de ander en het Andere. Hierna komt eerst elk element op zich aan bod, daarna de drie in samenhang. Natuurlijk steeds in relatie tot pelgrimeren.
-- IK ---------- Als we het over pelgrimeren hebben, komen heel vaak twee metaforen om de hoek kijken, die sterk samenhangen: het labyrint en de heldenreis. Het labyrint is een oeroud symbool voor de weg die je aflegt als je, bijvoorbeeld, naar een nieuwe fase in je leven gaat. Je neemt afscheid van het oude en gaat op pad, het labyrint in, op zoek naar nieuwe betekenis-geving. Soms lijk je er te zijn. Dan ben je er weer ver van af. Als je ontdekt wat wezenlijk belangrijk voor je is, heb je de kern bereikt, letterlijk en figuurlijk. Dan begint je weg terug, het labyrint uit, en onderzoek je hoe je dat nieuwe vorm kunt geven in je leven van alledag, ook voor anderen. Een bekend verhaal is dat van Theseus. Ooit leefde in een labyrint op Kreta de Minotaurus. Een monster dat zich voedde met de mensenoffers die men hem moest brengen. De held Theseus waagde zich in dat labyrint, versloeg het monster en wist daarna zijn weg terug te vinden door de rode draad die zijn geliefde Ariadne voor hem had gesponnen. Dat is steeds weer de essentie van de verhalen over grote heldenreizen: de held wordt uitgedaagd om uit zijn leven van alledag te stappen en een belangrijke opdracht te vervullen: het verslaan van een monster (zoals Theseus) of het zoeken naar een “schat” (zoals de ridders van koning Arthur, die op zoek gingen naar de Heilige Graal). Na veel beproevingen en met onverwachte hulp wordt de “schat” uiteindelijk gevonden en gaat de held terug naar huis, om die te delen met anderen. Die heldenverhalen lopen allemaal goed af. Daarom zijn ze waarschijnlijk zo populair. In het gewone leven is een goede afloop niet zo vanzelfsprekend. Velen kiezen er dan ook voor om het zekere voor het onzekere te nemen. Zij blijven thuis, in hun eigen “comfort zone”. Maar wat is het moeilijk om daarop te vertrouwen, nietwaar? Om het bekende achter ons te laten, om het gespook in onszelf het hoofd te bieden, om die eerste stap te zetten, en echt op avontuur te gaan. We zien dat ook op de Camino (en we herkennen dat zelf maar al te goed): Er kunnen trouwens heel goede redenen zijn om zulke hulpmiddelen te gebruiken. Wat voor de één een geweldige uitdaging is, ondanks alle hulpmiddelen, is voor de ander een fluitje van een cent. De ene pelgrim is nog nooit eerder van huis geweest, een andere staat jaarlijks meerdere keren als berggids op de Mont Blanc. De één is net hersteld van een zware ziekte, een ander is in de kracht van zijn leven. »» Maar de uitdaging aan ieder van ons is duidelijk: verleg je grenzen, ga het avontuur van je leven echt aan, wees de held van je eigen verhaal. En weet dat je hulp zult krijgen, op onverwachte momenten. Op het moment dat je je realiseert dat de reis je voor uitdagingen plaatst die je niet op je vertrouwde manier kunt aanpakken, zul je immers meer dan ooit openstaan voor die hulp.
nòg een 1e stap Dat was nog maar de eerste stap: het labyrint in. Er is nog een eerste stap: het labyrint uit. In de grote verhalen is dat het moment dat de held de Graal heeft gevonden. Die Graal staat natuurlijk voor: een nieuw inzicht, een belangrijk besluit. Als dat er is, gaat hij of zij terug naar huis, om dat te delen met anderen. Hoe zit dat op de Camino? In Santiago wacht het pelgrimsbureau op ons met een mooi diploma, de Compostela. Die verklaart plechtig dat je de tocht hebt afgelegd. Het is een oude traditie. En zoals vaker met oude tradities gebeurt, lijkt ook deze zijn oorspronkelijke betekenis te hebben verloren. De Compostela spreekt immers over “het geloof”, maar dat is voor veel pelgrims van nu niet het belangrijkste motief om op pad te gaan. De Compostela betekende vroeger ook: u bent nu halverwege. Na ontvangst gingen de pelgrims immers weer te voet naar huis. Zij konden niet anders. Dat bedoelde ik laatst, toen ik in de Jacobsstaf schreef dat we in Nederland wel erg veel aandacht besteden aan de aankomst in Santiago. Door niet alleen een heus register van die Compostela’s te onderhouden (in de Jacobsstaf èn in boekvorm) maar ook nog eens Jacobsspelden uit te reiken. Dan denk ik: Hallo... we zijn pas halverwege! Het moeilijkste stuk komt eigenlijk nog. Namelijk: hoe geef je je ervaringen betekenis, in je dagelijks leven, voor jezelf en... voor anderen. Want dat is, denk ik, niet alleen de opdracht aan mythische helden, maar ook aan ieder van ons. »» Laten we dus niet halverwege blijven staan. We hebben ooit de moed gehad om de eerste stap op onze Camino te zetten, laten we nu nòg een eerste stap zetten: door de stier bij de horens pakken, de gele pijlen achter ons te laten, en verder te gaan. Door onze reis betekenis te geven in het leven van alledag.
-- het ANDERE ---------- Van het ene uiterste –het ik- naar... het Andere. Naar het Al, of hoe het dat ook in allerlei tradities in vele eeuwen zo mooi is omschreven. Het beeld van “het Andere” is in ons Westen eeuwenlang bepaald door het Christendom. In dat beeld stond God centraal. Het heelal draaide om Zijn schepping: de wereld. Vanaf de 16e eeuw komt er echter een tegenbeweging op gang. Een mijlpaal was de ontdekking dat de aarde om de zon draait, en niet andersom. Vanaf dat moment dringt de rationele wetenschap het geloof in een steeds kleiner hoekje. Kerk en Staat worden gescheiden. God wordt verbannen naar de privé-sfeer. Als... de deur daar al openstaat. En ons wereldbeeld is gebaseerd op: weten is te meten. Punt. Hoewel... geleidelijk dringt nu het inzicht door dat het verhaal daarmee niet af is. Dat er méér is tussen hemel en aarde. En dat dat maar goed is ook, want dat het leven anders een wel erg kale boel is. Misschien verklaart dat ook waarom enkele jaren geleden een toch niet eenvoudig boek als “Eindeloos bewustzijn” (van Pim van Lommel, over bijna-doodervaringen) zo enorm populair kon worden. Ook vanuit wetenschappelijke hoek wordt steeds meer onderkend, dat het pure “weten is meten” eerder een rem wordt op nieuw inzicht dan een stimulans daarvoor. Los daarvan: zullen gedachten niet altijd tekortschieten om het wonder van ons bestaan te doorgronden? Gedachten zijn gebonden aan bepaalde tijden, plaatsen en omstandigheden. Het mysterie van het bestaan is eindeloos en grenzeloos... Is het dan niet beter om dit mysterie gewoon te aanvaarden? Is het grote vraagteken niet veel vruchtbaarder dan het grote antwoord? Want zodra er grote antwoorden zijn geformuleerd, worden ze dwingend aan anderen opgelegd, met wetten, normen en geweld. De kans dat die anderen tot andere antwoorden kunnen komen, is immers al een bedreiging voor het eigen gelijk. Ook op de Camino zien we dat wel eens terug. Bijvoorbeeld in discussies over de vraag wie of wat een echte pelgrim is. »» Ik ben ervan overtuigd dat HET antwoord niet bestaat. Dus ook niet Het antwoord op de zin van ons eigen leven. We zullen ons leven zelf betekenis moeten geven, door onze eigen weg te gaan. Daarbij zal ieder zich op zijn of haar manier door het grote wonder laten inspireren: door God, door een prachtige zonsopgang, door het ritme van je ademhaling, door wat dan ook. Er is zoveel moois. Zo gaan we, als pelgrims, met ons hoofd in de wolken en de voeten op de grond. Met vertrouwen in de stem in onszelf. Want we volgen toch de rode draad van onze dromen? Droom, durf en doe... ![]() -- de ANDER ---------- Ook maatschappelijk leven we nu in de tijd van het einde van de grote antwoorden: Toen de Berlijnse muur viel, leek onze westerse formule van vrijheid de grote winnaar. Een toen heel populair boek had als titel: “Het einde van de geschiedenis”. We waren er. De voorhoede van de mensheid had de kern van het labyrint bereikt. Het zou slechts een kwestie van tijd zijn voor de rest zou volgen. Ondertussen zou de markt zijn zegeningen brengen, gestuurd door “de onzichtbare hand” van vraag en aanbod. Een piramidespel werkt alleen als er voldoende mensen willen meespelen. En dat is nog steeds zo. Op de puinhopen van de oude piramiden worden driftig nieuwe gebouwd. We hopen dat we ons een weg uit de crisis kunnen consumeren. Op de beurzen wordt weer winst gemaakt. Er is er niets veranderd. Integendeel, zelfs op Wall Street zijn er mensen die zeggen dat de basis van de nieuwe piramides nog wankelijker is dan de vorige. Maar “groei” is en blijft het toverwoord. Groei, door steeds grotere efficiency, door steeds scherpere concurrentie. Het klinkt zo logisch, misschien ook omdat we denken dat we zelf aan de goede kant van de piramide zitten: de bovenkant. Hoe lang kan dat doorgaan, denkt u? Dat we onze koopkracht kunnen vergroten, door steeds meer producten uit een goedkoop land als China te halen? En ondertussen onze dure lonen kunnen handhaven? Hoe lang zullen de Chinezen ons spelletje meespelen? Groei, terwijl we weten dat onze planeet dat niet kan dragen. Steeds meer leefsystemen op aarde worden onherstelbaar beschadigd. En, zoals dat in een piramidespel hoort, ook die rekening schuiven we door. In dit geval naar de generaties na ons. We nemen een hypotheek op die zij niet zullen kunnen betalen. En hoe staat het met de politieke vrijheid, met onze democratie? Het vertrouwen in de politici en de overheid is historisch laag. En het lijkt of die overheid de burgers gelijk geeft. De ene na de andere overheidstaak is de deur uitgedaan, onder het motto van marktwerking. Dat werd goed begrepen door de bestuurders: de beloningen aan de toppen van de nieuwe piramiden schoten de lucht in. En onderin werd bezuinigd, met als toverwoord: efficiency. Is het toeval dat velen zich verbinden rond een nieuw thema: de zorg over de vreemden in ons land? Of is het eigenlijk wel logisch? Die vreemden zitten immers vaak aan de onderkant van onze piramide. Etniciteit en sociale klasse vallen meer dan ooit samen. Verklaart dat waarom de wrevel zich nu naar onderen richt, in plaats van –zoals in eerdere crises- naar boven? Dat we ons drukker maken over meisjes met zwarte hoofddoeken, dan over mannen met witte boorden die de kas leeghalen? Hoe kan dat toch? Nederland is een heel rijk land en toch is er veel onbehagen? Althans: over de samenleving. Want de meeste Nederlanders zeggen tevreden te zijn over hun eigen leven. Een bekende uitspraak is: “Je ziet de wereld niet zoals ze is; je ziet de wereld zoals jij bent”. Zeggen we met die onvrede over het geheel dus niet gewoon, dat we eigenlijk ook wel snappen dat het zo niet verder kan. Dat we niet als consumenten in onze eigen “comfort zone” kunnen blijven hangen? Maar dat onze vrijheid ook een opdracht inhoudt? Namelijk: onszelf als mensen te verwezenlijken. En niet zoals IKEA dat zegt: “design you own life”. Het leven is toch meer dan je eigen paleisje inrichten met slimme bouwpakketten? Het gaat er toch om, dat we onze eigen talenten ontwikkelen? Dat we ook zelf creëren en niet alleen consumeren? Denk maar aan die andere piramide, die van Maslow, waarin zelf-verwerkelijking de top vormt. We moeten –denk ik- op weg naar die top. Op weg naar harmonie in onszelf. Een harmonie die maakt dat we ook in harmonie met anderen en het Andere kunnen zijn. »» “Verbeter de wereld, begin bij jezelf”. Het klinkt als een grote dooddoener, maar het getuigt -volgens mij- van grote wijsheid. Alleen zo kunnen we doorgroeien, naar echte vrijheid, in verbondenheid. Ook met de zwakste schakels in onze samenleving. OK, dat klinkt heel idealistisch, maar... het kán. Ik weet het zeker, want ik heb er een glimp van opgevangen. Waar? Op de Camino... ! Maar u denkt misschien: ja, ja, dat is de Camino, dat is niet het echte leven. Op de Camino zelf hoor je het ook vaak: “Was het gewone leven maar als hier”. ![]() -- IK , het ANDERE, en de ANDER ----------
Ik begin met een snelle terugblik en wil dan graag vooruit kijken. Van oudsher is de metafoor van: het gaan van de weg, heel sterk verbonden met de verhalen uit de bijbel. Oude koek? Welnee, de metafoor van het gaan van de weg en de pelgrim zijn nog steeds heel rijk en krachtig. Sterker nog: de metafoor is springlevend en raakt alle moderne vraagstukken. Ik noem u wat voorbeelden: De pelgrim onderweg: op weg gaan betekent niet alleen: leren leven met onzekerheden, maar ook: inzien dat het zelfs van grote waarde is om je oude zekerheden los te kunnen laten. Want alleen zo kun je je blijven openstellen voor anderen en het Andere. De pelgrim met de rugzak (of fietstas): heel veel mensen die de weg gaan verbazen zich erover hoe gelukkig ze zijn, terwijl ze maar heel weinig spullen bij zich hebben, geen krant lezen, geen TV kijken. Kortom: een heel simpel leven leiden. Ik denk dat we een stapje verder mogen gaan: minder spullen en minder gedoe brengt juist méér kwaliteit van leven. Je focust je dan veel makkelijker op mensen en dingen die echt van belang voor je zijn. Je neemt er de tijd voor, geeft er echt aandacht aan. Al die consumptie en al die prikkels, leiden alleen maar af van je wezenlijke opdracht: je als mens te ontwikkelen, in relatie tot de ander en het Andere. Consumeren als levensstijl is een drug, met een even verwoestende uitwerking als drugsoorlogen. Het vernietigt onze aarde. Pelgrimeren daarentegen is licht reizen, met een bescheiden ecologische voetafdruk. Dan is er ook genoeg voor iedereen. De pelgrim als vreemdeling. De meeste pelgrims zijn als vreemdeling onderweg in andere landen of streken. Zij ontmoeten pelgrims uit alle hoeken van de wereld, met verschillende achtergronden, culturen en opvattingen. Zij ervaren hoe het is om ergens vreemd te zijn. Vooral omdat zij licht en dus kwetsbaar reizen: letterlijk en figuurlijk op gelijke voet staan met de mensen langs de weg. Dan ervaar je meer dan ooit hoe belangrijk gastvrijheid is. Hoe het is om je ergens werkelijk welkom te kunnen voelen. De pelgrim op de sterrenweg. Veel pelgrims zijn zich bewust van de magie van de Camino nog vóór ze er een stap op hebben gezet. Ze voelen als het ware de oeroude geschiedenis ervan, die zelfs teruggaat naar de Kelten. Ze voelen dat miljoenen hen zijn voorgegaan in meer dan 1000 jaar. Ze hebben verhalen gelezen over wonderen door Jacobus of over bijzondere ervaringen van pelgrims-van-nu. Het maakt dat velen met een bijzondere instelling aan de tocht beginnen. En als we met velen aan iets bijzondere betekenis toekennen, dan wordt dat vanzelf werkelijkheid. Waar zoveel mensen in naam van het Andere samen zijn, is het in hun midden. Kortom: op pelgrimstocht gaan is een prachtige ervaring op zich en je krijgt als bonus ook nog een rijke metafoor. Die ervaring en die metafoor kunnen je steeds opnieuw inspireren, je steeds weer op weg helpen. Juist in deze tijden, waarin de grote antwoorden zijn gesneuveld en waarin we onze eigen weg mogen en.. moeten gaan. ![]() Volgens mij kan dat ook heel praktisch, stap voor stap. Probeer bijvoorbeeld elke dag goed om te gaan met wie en wat op je pad komt, probeer dan ook je dagelijkse beproevingen te zien als ontwikkelmogelijkheden, en kijk ’s avonds terug, door je af te vragen: deed ik het goed? voor mijzelf?, voor de ander?, voor het Andere? En terugkomend op die verzuchting: “was het gewone leven maar als de Camino”. Wel, is dat niet precies onze opdracht? Om onze ervaringen en inzichten van onze reis terug naar huis te brengen, en die vorm te geven in ons leven van alledag? Het is, denk ik, vooral een individuele opdracht, aan ieder van ons. Maar natuurlijk is het mooi om af en toe ook weer samen een stuk te kunnen oplopen. Om elkaar te kunnen inspireren, vanuit een gedeelde ervaring, een gedeelde metafoor, een gedeelde wens om verder te gaan. Dat is voor mij praktische spiritualiteit. Trouwens ... eigenlijk is dat dubbelop. Spiritualiteit hoort bij de praktijk, bij het dagelijks leven. Zonder die praktijk blijft de spiritualiteit in de kern van het labyrint staan: halverwege. Ik dank u nogmaals voor uw komst vanmiddag en ik hoop dat ik een klein vonkje van de inspiratie die ik zelf voelde, heb kunnen doorgeven. Mocht u vragen hebben of willen reageren op dit artikel dan kunt u een mail sturen naar Arno Cuppen. Achtergrondinformatie over "de weg als metafoor" en "de heldentocht" , lees meerop de website van L' Esprit du Chemin. |