Huis van Sint Jacob 
Janskerkhof   openingstijden
  Janskerkhof 28a
  3512 BN Utrecht
  t. +31(0)30-231.5391 
  f. +31(0)30-231.8281 
  e. info@santiago.nl 
  w. www.santiago.nl 
Santiago de Compostela
 Pelgrimshoeve Vessem
Informatiecentrum in het zuiden. Geopend: elke 2e en 4e zaterdag van de maand van 11.00 tot 15.00 uur.
Pelgrimshoeve Vessem  Servatiusstraat 11
5512 AJ Vessem
 
  Meer informatie.

Laatste nieuws

Druk ??
Zó (zie bijgaande foto) had menigeen zich het Heilig Jaar 2010 voorgesteld.

Enquête door jongere van 14
Een jonge student en toekomstig pelgrim van 14 jaar vraagt of u zijn enquête wilt invullen.

Cursus Heilige plaatsen
Hovo Nijmegen organiseert in het najaar zes bijeenkomsten onder leiding van Thomas Quartier

Oprichting van de Stichting Vrienden van Sint Jacob
Onlangs passeerde de akte van oprichting bij het notariskantoor van Doorne te Amsterdam.

Pelgrim en thuisblijver op de radio
Ons lid Theo den Otter en zijn vrouw vertelden onlangs in het programma van Hans van Willigenburg. Via de site van Theo is dit fragment te beluisteren

Burgemeester Wolfsen geeft startsein Camino 2010
Burgemeester Aleid Wolfsen van Utrecht gaf startsein voor Europa Camino 2010

Nieuws over Europa Camino 2010
De drie estafette's door Nederland (naar Duitsland, naar België en door Limburg) beginnen aardig vorm te krijgen.

Nieuwsarchief

Officiële opening Huis van Sint Jacob in Utrecht

Mireille_Madou_Offici%C3%ABle_Opening.JPG

Zondagse kamer
Wat is er mooier voor een vereniging die zijn inspiratie vindt in een middeleeuwse traditie dan gehuisvest te zijn in een gedeelte van een middeleeuwse kerk”, aldus voorzitter Tijs Dorenbosch in zijn inleiding. Hij hield die in de Janskerk zelf, de ‘zondagse kamer’ van het genootschap die we vijf keer per jaar gratis mogen gebruiken. Tijs stond stil bij de groei van de vereniging waardoor het in 2003 betrokken pand aan de Lange Nieuwstraat te klein was geworden. Met 8000 leden zijn we nu het grootste genootschap van Sint Jacob in Europa en daarmee ook in de wereld.

Meer informatie over de geschiedenis van het pand en de reden van verhuizing is te lezen in het artikel van Bram van der Wees: ‘Het genootschap gaat verhuizen.’

Mireille knipt onder toeziend oog van een middeleeuwse pelgrim het lint door


Stadswandeling
In de ochtend konden de bezoekers in groepen een stadswandeling langs
Romaanse kerken maken onder leiding van Margriet Hoogendoorn en enkele gidsen van het stadsgilde. Uw webredacteur liep mee met gids Han Davidse. Hij vertelde niet alleen over kerken, maar ook over veel andere bezienswaardigheden. Zo wees hij op een gedenksteen die herdacht dat op een augustusavond in 1674 een tornado tien kerktorens in Utrecht verwoestte en ook onze ‘eigen’ Janskerk niet spaarde.
Stadswandeling.jpg

Jacobus wil aan Utrecht leren door stormen veilig pelgrimeren

Ladder

De gids lardeerde zijn verhalen met veel anekdotes. Zo was er ooit een koster die in de toren van de Domkerk een café begon. (Middeleeuwers dronken vaak meer bier dan water). De bisschop verbood de cafégangers door de gewijde kerk te lopen, maar de koster had hier wel een oplossing voor. Hij plaatste een ladder tegen de toren waardoor de dranklustigen het lokaal konden betreden.
De toren inkomen was niet zo’n probleem, maar na het innemen van de nodige spiritualiën was de moeilijkheidsgraad van de trapleer voor velen te hoog gegrepen. Menigeen viel bij het verlaten van het pand dan ook ‘ladderzat’ op het plaveisel.

Kunst als bijzaak


Heel wat serieuzer ging het eraan toe in de lezing van historicus drs. Willy Eurlings over Romaanse kerken. Hij nam ons mee in de denkwereld van de middeleeuwer van de elfde en twaalfde eeuw, de bloeitijd van de Romaanse kunst. Voor de middeleeuwer was er geen echte scheiding tussen het aards en het eeuwig leven daarna. Hij was dan ook niet bang voor de dood, maar voor de tijd die daarop volgde. De gerichtheid op het eeuwig leven is dan ook de reden dat betrekkelijk kleine steden en gemeenschappen veel geld op konden brengen voor mooie kerken. Het ging de bouwmeesters en kunstenaars echter niet om het scheppen van schoonheid, dat was maar bijzaak. Het ging hen in de eerste plaats om het uitbeelden van de goddelijke boodschap.
Eurlings liet ons tot slot door de ogen van de middeleeuwse pelgrim kijken naar de timpanen van de kerken in Arles, Moissac en Vézelay. Hij schetste beeldend hoe de pelgrim de afbeeldingen in die tijd bekeek en ervaarde.





Jan de Pelgrim


De als middeleeuwse pelgrim uitgedoste Jan Galjé introduceerde onze hoofdgast, Mireille Madou, die als kunsthistorica ontelbare publicaties over de iconografie van Sint Jacob op haar naam heeft staan en aan de wieg van ons genootschap stond.

Oude agenda’s

Mireille vertelde in haar toespraak hoe zij aan de hand van oude agenda’s de vroegste geschiedenis van het genootschap had gereconstrueerd. In 1985 maakte zij samen met Koen Dircksens plannen om in navolging van het Vlaams genootschap een Nederlands genootschap op te richten. Geïnteresseerden werden aangeschreven en op 26 april 1986 werd in Baarn de eerste vergadering gehouden met honderd aanwezigen. Op 25 juli van dat jaar werd het genootschap opgericht inclusief statuten. De doelstelling van het genootschap was: Het Nederlands Genootschap van Sint Jacob heeft als doel de belangstelling voor de pelgrimstochten naar Santiago de Compostela, in heden en verleden, te vergroten en te verdiepen.


Ook werd bepaald dat het geen confessionele vereniging moest worden.
Deze doelstelling (inmiddels aangevuld met enkele praktische voorbeelden) is nog steeds op onze website te lezen.
In november 1986 vond de eerste echte ledenvergadering plaats waarbij 160 leden aanwezig waren.
De eerste jaren had het Nederlands genootschap een middenpagina van het Vlaams tijdschrift De Pelgrim tot zijn beschikking. Vanaf 1989 verscheen De Jacobsstaf. Tot 2003 had het genootschap geen vaste plek, de vergaderingen en activiteiten werden bij diverse leden thuis gedaan.

Mevrouw, is dat nou dezelfde?

De grote groei van het genootschap vindt Mireille aan de ene kant verheugend, maar ook wel zorgwekkend. Is de hedendaagse pelgrim niet vooral sportief ingesteld? Hoeveel mensen weten nog wie Sint Jacob is?
Dit laatste vroeg zij zich af toen zij na het verschijnen in 2004 van haar boek ‘Santiago de Compostela: de apostel van het Westen in beeld en verbeelding’ een telefoontje kreeg van iemand die haar vroeg: “Is Santiago nou dezelfde als Sint Jacob?”
Toen een vriendin van Mireille vorig jaar de camino liep, besefte zij dat pelgrimeren vooral bestaat uit steeds de ene stap voor de andere zetten. Als je alle kunst onderweg uitvoerig zou bekijken en bewonderen, zou je nooit in Santiago aankomen. Mireille was weer gerustgesteld: de camino blijft de camino.

Spaans rood
Bestuurslid Adrie Dik memoreerde in haar dankwoord de ongelooflijke hoeveelheid publicaties en lezingen van Mireille. Adrie herinnerde zich nog hoe zij in 1989 ademloos had zitten luisteren toen Mireille drie kwartier vertelde over een sarcofaag in de buurt van Carrion de los Condes.
Adrie had voor Mireille bij de bloemist in haar woonplaats Alkmaar een bloemstuk laten maken in ‘Spaanse kleuren.’ Over het rood was Adrie niet tevreden, dit was geen Spaans rood, maar Bordeaux rood. “Maar ach,” stelde een collega haar gerust, “Alkmaar heeft altijd al moeite gehad met de Spanjaarden.”

Door het lint
Na het doorknippen van het lint door Mireille was het nieuwe Huis van Sint Jacob officieel geopend.
Met een glas champagne in de hand konden de bezoekers dit bewonderen.

Hoe ziet ons huis eruit?

Centrale punt is de begane grond van de kosterswoning, waar een café-achtige ruimte als entree dient. Hier hangen twee fraaie schilderijen van Frank Kortenhorst die we in bruikleen hebben gekregen. De naastgelegen oude consistorie doet dienst als kantoor. Een deur geeft toegang tot de Zuiderkapel, 50 m2 groot, 15 meter hoog en met drie gotische ramen. In deze ruimte staat de grote vergadertafel, ontvangen we bezoekers, en voert de ledenservice zijn werk uit. Een prachtige entresol biedt ruimte aan de bibliotheek en een grote leestafel. De kelderruimte onder de kapel dient als opslag voor boeken, voorraden en archief. Of we het einde der tijden er mee halen weet ik niet, maar op deze plek kan ons groeiende genootschap weer jaren vooruit.


Tekst en foto's: André Brouwer, 27 oktober 2008