Dag van de spiritualiteit
Naar aanleiding van de Dag van de Spiritualiteit op 14 oktober kwamen nog de volgende reacties binnen.
Naar aanleiding van de workshop: Mandala-tekenen met het thema: 'Het geheel is meer'
Het geheel is meer
Aanwezig ben ik,
deel van een groot geheel,
bijzonder en uniek.
Ik ging mijn weg,
ik ga mijn weg,
soms rennend,
soms rustig voortgaand,
soms aarzelend.
Aanwezig ben ik,
samen met velen
die hun eigen weg gaan,
als ik alleen, maar ook samen
met de velen.
De ene en de velen,
het individu en de gemeenschap,
we vervolgen onze weg.
Aanwezig ben ik
verbonden
in de ene Adem
op de ene weg
zwak en krachtig tegelijk,
twijfelend en vastberaden,
want alleen ben ik samen,
pelgrim met de pelgrims
Het geheel is meer!
Ricky Rieter
==============================
Naar aanleiding van de ochtendmeditatie:
Een korte samenvatting van de meditatie.
In deze meditatie wordt stil gestaan bij de overeenkomst tussen het gaan op een pelgrimsweg en de eigen levensweg. Vanaf onze geboorte zijn wij op reis op de eigen levensweg. Ons menselijk bestaan lijkt beheerst te worden door vertrekken en aankomen. Altijd zijn wij als mensen onderweg. Gabriel Marcel schreef over de op weg zijnde mens: ‘Wij allen zijn homo-viators, reismensen. Altijd op zoek, altijd op weg vanuit de verwachting’. Niet ongenoemd mag blijven dat de weg naar Santiago de Compostela niet zomaar een weg is. Van oudsher zijn mensen vanuit religieuze motieven daar op weg gegaan.
Voordat de meditatie met een gedicht en een zegenwens zal worden afgesloten, is er een citaat uit: Onderweg, op reis met de aartsvaders en moeders. (uit: De Bijbel Spiritueel. Hanna van Dorsen) Wellicht dat er herkenning is vanuit de reis door het eigen leven, maar ook vanuit het gaan op de pelgrimsweg.
‘Een reis begint met een stem die roept, een verhaal dat niet loslaat, een beeld dat je treft, of iets wat je overkomt. Ineens sta je voor de keuze, blijven zitten of in beweging komen. Je doof houden of gehoor geven aan de oproep om op weg te gaan. Letterlijk door je koffers te pakken (in ons geval de rugzak) of figuurlijk door nieuwe wegen in te slaan’.
Zen en reizen
Wie gaat laat achter. De kleine eindigheid van thuis.
De klok, het bed, de regels. Een leven dat te dragen was
hangt aan de kapstok, als een jas. Ver weg zingt een wereld.
Reizen is een wakker worden. Het huis, dat als een tweede huid
beschermde, beneemt niet meer het zicht. Het vel zit ruimer.
Hoofden, verdoofd door gewoonte, gaan open voor de storm.
Alles nieuw. De vorm van bomen.De kleur van lucht.
Geuren en gebeurtenissen worden haastig opgeborgen
in ’t geheugen. De dag, die blanco was begonnen,
is ’s avonds tot de rand gevuld. Dan valt de nacht.
Slapend in een nergens. Dromen waar wij thuis voor schuilen
weten ons opeens te vinden. Losgemaakt uit het verband
van plaats en tijd besluipen ons herinneringen, nu wij
ver en veilig zijn. De duisternis geeft licht.
De zon komt op. Een ongetelde dag, geen naam, geen datum.
De tijd heeft zich bevrijd van ons en wat wij moesten doen.
en stille kust. Een man. Een ezel. Leven wordt aanwezig zijn.
Bestaan is hier genoeg. Hoe kan dezelfde mens als thuis
onrustig en gedreven zo rustig drijven in de tijd?
Reizen. Als in een rivier. Wissewasjes weggewassen.
Routines van ons afgespoeld. Het oude leven in een zeef,
terwijl het water stroomt. Een zelf, een ik,
dat was bedekt geraakt door alledaagse dingen
komt onverwacht te voorschijn.
Pas wie gaat, ziet om. Elke stap vooruit schept nieuw
en breder perspectief, een beeld dat telkens vreemder wordt.
Completer. Maar sawa’s blijven sawa’s. Een groen dat elders niet bestaat,
en woordeloos wordt ondergaan. De rijkdom is het onbeschrijfelijke
dat het hier en nu bestaat, maar niet mee te nemen is. Het zien,
het moeten verliezen, en weten dat dit leven is. Een onverwachte vrede.
De sawa gaat, maar laat een stilte na waarnaar men later terug kan keren.
De wereld laat te raden over voor wie vergeet wat hij al wist.
Dan ligt er achter elke berg een niet veroverd vergezicht,
dat, ongezien, vermoeide voeten aanzet tot een nieuwe klim.
De horizon blijft altijd even ver. Is dat een reden om te blijven,
of een reden om te gaan? Thuis wacht de kapstok. De oude jas
zal passen. Dat is straks het laatste raadsel na die wonderlijke reis.
(auteur onbekend)
Zegenwens:
(uit: Anam Cara: Mystiek uit de Keltische wereld. John O`Donohue)
Moge ons lichaam gezegend zijn
Moge we beseffen dat ons lichaam
een trouwe en goede vriend is van onze ziel
En moge wij vrede en vreugde kennen en inzien
dat onze zintuigen heilige poorten zijn
Mogen we beseffen dat heiligheid
oplet, kijkt, voelt, hoort en aanraakt
Mogen onze zintuigen ons tot onszelf brengen en ons thuisbrengen
Na deze zegenwens gaan wij die elkaars reisgenoten zijn, verder de dag van de her-beleving in.
Leny Alderliesten
Zo er nog vragen zijn n.a.v. de letterlijk uitgesproken meditatie,
mijn emailadres is:lenyalderliesten@hotmail.com
|