Santiago de Compostela



Onderweg



De mensen onderweg

waren in de middeleeuwen van een zeer divers pluimage. In de eerste plaats was er de pelgrim die op weg ging om te bidden bij het graf van de apostel om vergeving te krijgen van zijn zonden, om in aanmerking te komen voor de aflaat of ter genezing van een ziekte.
Daarnaast was er de boeteling die op strafrechtelijke gronden verplicht was op bedevaart te gaan, een straf die zowel door kerkelijke als burgerlijke rechtbanken kon worden opgelegd.
Na het ontvangen van de zegen en het opmaken van het testament gingen de pelgrims op pad voor een lange tocht met een onzekere afloop.
De Honderdjarige Oorlog en de Reformatie hebben er voor gezorgd dat de pelgrimsbeweging uiteindelijk tot stilstand kwam en het pelgrimeren op zich voorgoed verleden tijd leek.Santiago1 2009 151.JPG Pas eeuwen later, na de Tweede Wereldoorlog, keerde het tij opnieuw en waagde zich een enkeling op de eeuwenoude wegen richting Santiago. Het signaal werd in diverse West-Europese landen ontvangen en doorgegeven, waarna steeds meer enthousiastelingen zich verzamelden in Jacobusgenootschappen, verenigingen die de moderne pelgrims behulpzaam zijn bij het vinden van hun weg naar het graf van de apostel.
De pelgrimage naar Santiago de Compostela heeft de laatste decennia een grote vlucht genomen. Waren het in 1986 ruim 2000 pelgrims, tien jaar later was dit aantal vertienvoudigd en in het jaar 2007 verwierven ruim 100.000 mensen een ‘Compostela’, het pelgrimsdiploma waaruit blijkt dat men te voet, per fiets of te paard naar Santiago is gekomen.
Een derde van hen is jonger dan 35 jaar.





Santiago1 2009 128.JPG